STREET now open! Chicago | Los Angeles | Miami | New York | San Francisco | Santa Fe
Amsterdam | Berlin | Brussels | London | Paris | São Paulo | Toronto | China | India | Worldwide
 
Amsterdam

De Hallen Haarlem

Exhibition Detail
Memory, Energy, Transformation
Grote Markt 16
Haarlem
Netherlands


December 1st, 2012 - February 24th, 2013
Opening: 
November 30th, 2012 5:00 PM - 7:00 PM
 
, Joseph BeuysJoseph Beuys
© Courtesy of the Artist and De Hallen Haarlem
> QUICK FACTS
WEBSITE:  
http://www.dehallen.nl/
NEIGHBORHOOD:  
Other (outside main areas)
PHONE:  
+31 (0)23 511 5775
OPEN HOURS:  
Tuesday-Saturday 11.00 - 17.00 Sundays and bank holidays 12.00 - 17.00
TAGS:  
installation
> DESCRIPTION

Within its programme De Hallen Haarlem tries to add a more historical context to its exhibitions of contemporary artists. In light of this pursuit we have programmed an exhibition by Joseph Beuys (Krefeld, 1921 - Düsseldorf, 1986) alongside Roger Hiorns’ solo presentation. In the period after Beuys’ death the work of this shamanistic artist seemed to slowly fade from the artistic debate, but in the past few years the influence of his artistic ideas can be detected in a younger generation of artists. For example in the works of Navid Nuur, shown previously in De Hallen Haarlem, who uses typical Beuys themes like energy and transformation in his playfully conceptual sculptures and installations. For Roger Hiorns as well these elements exert a great influence on his sculpture, which is characterized by a process-based approach, an interest in spirituality and rituals and a fascination for the invisible.

Within the framework of Hiorns’ exhibition in the Vleeshal two important works by Beuys have been brought together in the Verweyhal: the large installation Voglie vedere i miei montagne from 1971 and Straßenbahnhaltestelle or Tramstop from 1976. The works are on loan from respectively the Van Abbemuseum and the Kröller-Müller Museum.

 

The installation Voglie vedere i miei montagne (“I want to see my mountains”) looks like an interior with a centrally hung lamp, a cupboard and a bed. On the wall is a gun, which is aimed at a photograph of a bird. Typical Beuys materials like felt and copper are the other building materials of this work whose title refers to the last words the 19th century painter Giovanni Segantini spoke on his deathbed. The phrases that are written in chalk on the objects speak of this mountainous scenery. Through the use of natural symbolism Beuys created an interior that can be experienced as a landscape itself. For him nature’s mysticism was an important way of gaining entrance to the spiritual world. 

 

The installation Straßenbahnhaltestelle was originally made for the German Pavilion at the Venice Biennial of 1976. It is based on childhood memories and refers to a monument, next to a tramstop, that Beuys would sit on everyday when going to school. This monument was erected from old cartridge cases and an Eros figure. Beuys’ work is a cast of the original monument, but with a screaming head instead of the Eros figure. Next to his version of the monument he placed a length of tram rail. At the Biennial it was exhibited within the emotionally charged historical context of the German Pavilion, which was designed by Hitler’s favourite architect, Albert Speer. Afterwards the various parts of Straßenbahnhaltestelle were never built up again to form an erect monument. Instead they were put side by side on the ground as if waiting for future reuse. In this particular work notions like ‘transformation’ and ‘process’ are not approached from Beuys’ typical organic use of materials, but they are applied to the lifecycle of an artwork: from a meaningful monument to the dismantled memory of a memory.


De Hallen Haarlem tracht binnen haar programmering een historische context te bieden aan de tentoonstellingen van hedendaagse kunstenaars en zo door verschillende generaties heen de tentoonstellingen thematisch met elkaar te verbinden. In dit licht is gelijktijdig met de solopresentatie van Roger Hiorns een tentoonstelling van Joseph Beuys (Krefeld, 1921 - Düsseldorf, 1986) geprogrammeerd. Het werk van deze sjamaan-kunstenaar lijkt in de periode na zijn overlijden langzaam uit het debat over de kunst te zijn verdwenen, maar de laatste jaren is de invloed van zijn artistieke ideeën weer terug te zien bij een jongere generatie kunstenaars. Bijvoorbeeld bij de eerder in De Hallen Haarlem getoonde werken van Navid Nuur, die in zijn speels-conceptuele sculpturen en installaties typische Beuys-thema’s als energie en transformatie van materialen tot onderwerp maakt. Ook bij Roger Hiorns zijn deze elementen van grote invloed op zijn beeldhouwkunst, die wordt gekenmerkt door procesmatigheid, interesse in spiritualiteit en rituelen, en een fascinatie voor het niet-zichtbare.

In het kader van de tentoonstelling van Hiorns in de Vleeshal zijn in de Verweyhal twee belangrijke werken van Beuys bij elkaar gebracht: de omvangrijke installatie Voglie vedere i miei montagne uit 1971 en Straßenbahnhaltestelle ofwel Tramhalte uit 1976. De werken zijn afkomstig uit de collecties van respectievelijk het Van Abbemuseum en het Kröller-Müller Museum.

 

De installatie Voglie vedere i miei montagne (“Ik wil mijn bergen zien”) oogt als een interieur, met een centraal opgehangen lamp, een kast en een bed. Aan de muur van de ruimte hangt een jachtgeweer, dat is gericht op de foto van een vogel. Kenmerkende Beuys-materialen als vilt en koper zijn de overige bouwstenen van dit werk, dat in zijn titel verwijst naar de laatste woorden die de 19e-eeuwse schilder Giovanni Segantini op zijn sterfbed sprak. De met krijt op de objecten aangebrachte termen verwijzen naar het berglandschap. Beuys heeft een interieur gecreëerd dat zich met zijn natuursymboliek laat ervaren als een landschap. De mystiek van de natuur was voor de kunstenaar een belangrijk middel om toegang tot het spirituele te verkrijgen.

 

Beuys maakte de installatie Straßenbahnhaltestelle oorspronkelijk voor het Duitse Paviljoen op de Biënnale van Venetië in 1976. Het werk is gebaseerd op herinneringen uit zijn jeugd; het verwijst naar een monument dat naast de tramhalte stond en waarop hij elke dag op weg naar school ging zitten. Dit monument was opgetrokken uit oude artilleriehulzen en een Erosfiguur. Het werk van Beuys is een gietijzeren afgietsel van het oorspronkelijke monument, maar met een schreeuwend hoofd in plaats van de Erosfiguur. Naast zijn versie van het monument plaatste Beuys een stuk tramrails. Op de Biënnale werd het getoond binnen de historisch beladen context van het door Albert Speer (lievelingsarchitect van Hitler) ontworpen Duitse Paviljoen. De verschillende onderdelen van Straßenbahnhaltestelle werden nadien niet meer opgebouwd tot een rechtopstaand monument, maar naast elkaar op de grond gelegd, alsof ze voor altijd wachten op een toekomstig hergebruik. In dit werk worden noties als ‘transformatie’ en ‘proces’ niet vanuit het voor Beuys kenmerkende organische materiaalgebruik benaderd, maar worden ze toegepast op de levenscyclus van een kunstwerk: van betekenisvol monument tot de onttakelde herinnering aan een herinnering


Copyright © 2006-2013 by ArtSlant, Inc. All images and content remain the © of their rightful owners.